pietclijsen1311

Piet Clijsen genoot van glas in beton, denk ik me te herinneren. Hij vond het bijzonder. In de foto links is een doorkijk te zien. Misschien is dat het wel wat hem zo aantrok; ongekende variaties in licht, toevallig ontstaan tijdens het maakproces. Van tegels van glas werden stukken afgehaald wat ook weer tot verrassingen leidde. Pas achteraf zie je alle nuanceringen, als je het raam tegen het licht houdt. Wat waarschijnlijk ook heeft meegespeeld is zijn liefde voor warme kleuren. Met een beetje warm water schoongemaakt, zouden die nog duidelijker zijn te zien.

Rechts is het raam in situ te zien, in het huis in Driehuis, helaas de enige foto die ervan is.

Meer lezen over het raam?: Verhalen > Gruzels.

 

 

Het was een bijzonder raam om meerdere redenen. Allereerst had niemand zo’n raam in huis: glas in beton, waarvan de kleuren alleen ten volle waren te zien als het licht was. Bovendien was het gemaakt door vader, de glazenier.

Wat we verder wisten was dat het raam, geplaatst in het huis van Joos Clijsen en Peter Heerkens in Driehuis, was meeverhuisd naar Haarlem en daar in de opslag terecht was gekomen.

Toen wij in Bretagne woonden en alle ruimte van de wereld tot onze beschikking hadden bedachten we dat het raam geplaatst kon worden in een te verbouwen schuur of als zelfstandig kunstwerk in de tuin. Peter reageerde positief op onze vraag en zodoende verhuisde het raam naar Bretagne.

Met het raam in de schuur ontstond de behoefte er meer van te willen weten. In 2009 hebben we er met Peter over gecorrespondeerd zoals blijkt uit deze brief.

23 april 2009

 Dag Leo & Mieke

De geschiedenis van het raam, zoals ik mij die herinner, puntsgewijs:

–In 1972 werd ons huis aan de Busken Huetlaan in Driehuis gebouwd. Wij zijn er gaan wonen in de zomer van 1973.

–Zoals gebruikelijk/mogelijk bij nieuwbouw kon je veranderingen in het bouwplan aanbrengen, al dan niet tegen ‘meerprijs’. Wij hebben dat gedaan t.a.v. de keuken: niet een afgesloten ruimte, maar een open keuken die met een eetbar in verbinding stond met de huiskamer.

–De verbinding met de huiskamer was overigens niet geheel open: aan de korte zijde lieten wij een muur van baksteen optrekken met in het midden een uitsparing voor een raam van jouw vader. Qua lichtval was dat een mooi punt omdat het licht aan de ene kant binnenkwam via het grote huiskamerraam (straatkant) en van de andere kant via het raam van de keukendeur en een raampartij(tje) ernaast.

–Wij hadden jouw vader gevraagd (dat zal in 1972 zijn geweest) of hij ‘iets’ wilde maken voor ons nieuwe huis, waarbij wij hem de suggestie deden van de korte zijmuur met een uitsparing in het midden. Uiteraard lieten wij hem vrij in de uitvoering. Hij wilde graag ingaan op ons verzoek en kwam met het voorstel van glas-in-beton.

–Bezig met ontwerpen en mallen maken, werd hij getroffen door een beroerte. Het jaartal weet ik niet meer, maar dat is ongetwijfeld bij jouzelf en/of de familie nog bekend. Ik vermoed dat het 1974 is geweest.

–Door deze omstandigheden liep het project uiteraard grote vertraging op. In mijn herinnering hebben we zeker een jaar met dat open gat in de muur gezeten.

–Toen jouw vader enigszins hersteld was, heeft hij het werk weer opgenomen zij het – begrijpelijk – in laag tempo. Bovendien kon hij fysiek de zware inspanning niet aan. Joos is toen vele hele en halve dagen naar Tilburg gegaan om op zijn aanwijzingen het raam af te maken. In mijn beleving heeft dat plm. een half jaar geduurd.

–Zelf installeren – wat hij had gewild – was uiteraard ook niet meer mogelijk. Daarvoor is toen de hulp ingeroepen van zwager Ed(dy) van Croonenburg, die met mijn zus Ans in Amsterdam woonde. Waar ik twee linker handen heb, heeft Ed twee rechter…. Vandaar.

–Met jouw vader als toezichthouder op de bank, heeft Ed het raam geïnstalleerd. Hoeveel tijd daarmee gemoeid is geweest en of zich bij de opbouw bijzondere momenten hebben voorgedaan kan ik mij niet meer herinneren. Ik heb deze mail ook doorgezet (zie: cc) in de verwachting dat Ed die aanvullingen geeft, zo hem nog e.e.a. helder voor de geest staat.

–Helaas bezit ik geen fotomateriaal van het object. Het archief van Joos is bij de kinderen en ik heb van Charlotte begrepen dat er wellicht wat voorhanden is. Achteraf bekeken overigens onbegrijpelijk dat we dat raam nooit uitbundig hebben gefotografeerd. Wie weet heeft Ed nog iets uit die tijd.

–Bij ons vertrek uit Driehuis hebben we het raam meegenomen nadat Joos de details in kaart had gebracht en de onderdelen daarop nummerde.

–Wij hadden het plan het raam een plaats te geven in ons huis aan de Kleine Houtweg, maar daar bleek geen geschikte plek voor.

Zo belandde het in 1979 op zolder, waar ik het in 2008 vanaf haalde. Daarna is het in jullie bezit gekomen.

Ik ben blij dat jullie het de plaats en de aandacht geven die het verdient.

Tot zoverre.

Ik hoop hiermee tot tevredenheid te hebben bijgedragen aan de geschiedschrijving.

Hartelijke groet.

Peter”

 Helaas bleek Ed niets meer te weten en ook geen foto’s te hebben. De enige foto die we hebben kunnen vinden is zwart-wit waardoor het jndrukwekkende kleureneffect verborgen blijft; het zij zo.

Ondanks goede plannen en veel zin is het niet gelukt het raam te restaureren en te hergebruiken op de ene of de andere manier.

Toen we in 2015 besloten terug te keren naar Nederland bleek het onmogelijk het raam mee te verhuizen. Op een mooie dag ben ik ermee naar de stortplaats in Cléguérec gereden. Teleurgesteld en gefrustreerd heb ik elk stuk in gruzels gegooid in de vuilbak. Nog één keer heb ik omgekeken en wist dat ik het toch fout had gedaan.